Мацвея 7 у розных перакладах

Выберыце пераклады для параўнання

Націсніце на пераклад, каб дадаць яго ў спіс; калонкі ідуць у парадку спісу.

  1. Canisiusvertaling

Nederlands

Беларуская

Русский

Čeština

English

Українська

Deutsch

Polski

Español

Português

Türkçe

中文

Français

Italiano

Ἀρχαία Ἑλληνική

Српски / Srpski

Hrvatski

Eesti

Svenska

Magyar

Slovenčina

Suomi

Norsk bokmål

Íslenska

Tagalog

Cebuano

Hiligaynon

Български

Tiếng Việt

Bahasa Indonesia

ไทย

한국어

हिन्दी

English

  • JPS Tanakh
  • Targum Onkelos (Etheridge)
Canisiusvertaling
7:1
Canisius Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt.
7:2
Canisius Want met het oordeel, dat gij velt, zult gij geoordeeld worden; en met de maat, waarmee gij meet, zal men ook meten voor u.
7:3
Canisius Waarom ziet ge de splinter in het oog van uw broeder, en de balk in uw eigen oog ziet ge niet?
7:4
Canisius Of waarom zegt ge tot uw broeder: laat mij de splinter uit uw oog trekken; en zie, de balk zit in uw eigen oog?
7:5
Canisius Huichelaar, trek eerst de balk uit uw eigen oog; dan zult ge zien, hoe ge de splinter uit het oog van uw broeder moet trekken.
7:6
Canisius Geeft het heilige niet aan de honden, en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij ze niet met de poten vertrappen, zich omkeren, en u gaan verscheuren.
7:7
Canisius Vraagt en men zal u geven; zoekt en ge zult vinden; klopt en men zal u opendoen.
7:8
Canisius Want wie vraagt, ontvangt; wie zoekt, vindt, en wie klopt, hem doet men open.
7:9
Canisius Of wie is er onder u, die aan zijn zoon een steen zal geven, als hij om brood vraagt,
7:10
Canisius of een slang, als hij om vis vraagt?
7:11
Canisius Als gij dus, zondige mensen, aan uw kinderen goede gaven weet te schenken, hoeveel te meer zal dan uw Vader, die in de hemelen is, het goede geven aan wie het Hem vragen.
7:12
Canisius Al wat gij dus wilt, dat de mensen u doen, doet het ook hun; want dat is de Wet en de Profeten.
7:13
Canisius Gaat binnen door de enge poort; want wijd is de poort en breed is de weg, die ten verderve leidt; en velen zijn er, die daardoor naar binnen gaan.
7:14
Canisius Hoe eng is de poort en hoe smal is de weg, die ten leven voert; en weinigen zijn er, die hem vinden.
7:15
Canisius Wacht u voor de valse profeten, die tot u komen in schaapskleren, maar inwendig roofgierige wolven zijn.
7:16
Canisius Aan hun vruchten zult gij ze kennen. Plukt men wel druiven van doornen, of vijgen van distels?
7:17
Canisius Zo draagt iedere goede boom ook goede vruchten; maar een slechte boom draagt slechte vruchten.
7:18
Canisius Een goede boom kan geen slechte vruchten dragen, en een slechte boom geen goede vruchten.
7:19
Canisius Iedere boom, die geen goede vruchten draagt, zal omgehouwen worden en in het vuur geworpen.
7:20
Canisius Aan hun vruchten dus zult gij ze kennen.
7:21
Canisius Niet iedereen, die tot Mij zegt: Heer, Heer! zal binnengaan in het rijk der hemelen; maar wel wie de wil van mijn Vader volbrengt, die in de hemelen is.
7:22
Canisius Velen zullen op die dag tot Mij zeggen: Heer, Heer, hebben we niet in uw Naam voorzeggingen gedaan, in uw Naam duivels uitgedreven, in uw Naam veel wonderen verricht?
7:23
Canisius En dan zal Ik hun openlijk zeggen: Nooit heb Ik u gekend; gaat weg van Mij, gij die ongerechtigheid doet.
7:24
Canisius Een ieder dus, die deze woorden van Mij hoort, en ze in beoefening brengt, zal gelijk zijn aan een wijzen man, die zijn huis bouwde op een rots.
7:25
Canisius En de regen viel neer, en de waterstromen kwamen af, en de winden gierden en stortten zich op dat huis; doch het zakte niet in, want het was gegrond op de rots.
7:26
Canisius Maar wie deze woorden van Mij hoort, doch ze niet in beoefening brengt, zal gelijk zijn aan een dwazen man, die zijn huis bouwde op het zand.
7:27
Canisius En de regen viel neer, en de waterstromen kwamen af, en de winden gierden en stortten zich op dat huis; het zakte in, en zijn val was geweldig.
7:28
Canisius Toen Jesus deze toespraak geëindigd had, stonden de scharen verbaasd over zijn leer.
7:29
Canisius Want Hij leerde hen als een die gezag heeft, en niet zoals hun schriftgeleerden.