PsaSal PsalmenSalmi, psalmsalmo Het boek PsalmenLibro dei Salmi, psalmsalmo 74

Traduzioni Confronta

Een leerdicht van Asaf. O God, waarom zoudt Gij ons voor altijd verstoten, Zou uw toorn blijven woeden tegen de kudde uwer weide? Psa 44:23Gedenk toch uw volk, dat Gij U eens hebt verworven, De stam, die Gij hebt verlost als uw erfdeel, De Sionsberg, Die Gij U tot woonplaats verkoost! Ach, richt toch uw schreden naar de onherstelbare puinen; Heel het heiligdom is door den vijand vernield. Psa 68:16; Jol 3:16Uw haters joelden in uw heilige tent, En hebben er hun banieren geplant. Jer 2:15Ze hakten de friezen boven de ingangen stuk, Zoals een bijl in het kreupelhout woedt. Ze hebben het drijfwerk in stukken geslagen, Met bijl en houweel het vernield; Uw heiligdom in brand gestoken, De woonplaats van uw Naam tot de grond toe ontwijd. 2Ki 25:9Ze zeiden: “Wij zullen alles verwoesten, Alle godshuizen verbranden door ‘t hele land!” Wij zien geen voortekens meer, en er is geen profeet, Niemand onder ons, die kan zeggen: Hoelang nog! Lam 2:9Ja, hoelang nog, o God, zal de vijand U honen, De vijand maar altijd uw Naam blijven lasteren? Waarom trekt Gij uw hand van ons terug, En houdt Gij uw rechter in uw boezem verborgen? Gij zijt toch van ouds onze Koning, o God, Die op aarde altijd de zege bevocht: Gij hebt de zee opgezweept door uw kracht, Op het water de schedels der draken verpletterd; Exo 14:21Gij hebt Liwjatan zijn koppen verbrijzeld, En hem een prooi der jakhalzen gemaakt. Gij liet bronnen en beken ontspringen, Maar eeuwige stromen verdrogen. Exo 17:5; Num 20:11; Jos 3:13Door U kwam de dag, door U kwam de nacht, Gij hebt de maan en de zon haar plaatsen bereid. Gij hebt al de grenzen der aarde gesteld, Zomer en winter, Gij hebt ze gemaakt! Gen 8:22Denk aan dit alles, o Jahweh, als de vijand blijft honen, Een waanzinnig volk uw Naam blijft lasteren! Lam 3:61Geef, die U loven, niet prijs aan de beesten, En vergeet uw ongelukkigen niet voor altoos. Zie neer op uw verbond, en houd het gestand: Het rampzalige Land is een oord van verdrukking! Laat de vertrapte niet onverhoord gaan, Maar de verdrukte en arme uw Naam verheerlijken. Luk 11:27Sta op, o God, en verdedig uw zaak, Gedenk, hoe die dwazen U steeds blijven honen; Isa 49:4; Ezk 39:25Vergeet het geschreeuw van uw vijanden niet, Het geloei van uw haters, dat altijd maar raast!